Doorstroming

U bent hier

In het VTI van Waregem kan je volgende doorstroomrichtingen volgen: elektromechanica, elektriciteit-elektronica, industriële ICT en bouw- en houtkunde.

Zoals de term laat vermoeden is het de bedoeling om na zo'n richting door te stromen naar een vervolgopleiding in het hoger onderwijs. Drie op vier leerlingen volgden na hun opleiding een professionele bachelor in een studiegebeid dat aansluit bij hun opleiding in het secundair.

Daarnaast kiezen leerlingen voor ander opleidingen in het hoger onderwijs of voor zevende jaren.

Een aantal leerlingen gaan werken.

Inhoud opleiding

Er zijn verschillende professionele bacheloropleidingen in de technologie: automatisering, klimatisatie, ICT, elektronica, elektrotechniek, textieltechnologie, bouw, multimedia en communicatietechnologie, industrial management, ...

Deze opleidingen zijn gericht op de uitoefening van een beroep in een hoogtechnologische omgeving. Daarvoor is nood aan een stevige theoretische basis. Een aantal ondersteunende vakken (wiskunde, wetenschappen en talen) horen hier ook bij. .

Hoge slaagkansen

Twee op drie leerlingen slagen voor de 60 studiepunten. Daarnaast behaalt ongeveer 4% tussen 50 en 60 studiepunten en nog eens 6 % is geslaagd voor 30 tot 50 studiepunten. Algemeen kunnen we dus stellen dat leerlingen uit de doorstroomrichting succesvol verder studeren in een aansluitende bacheloropleiding.

Ervaringen van leerlingen

De leerlingen vinden hun vooropleiding zeer goed.

Een degelijke technische vorming in het secundair geeft hen een voorsprong in het hoger onderwijs t.o.v. medestudenten. Vakken zoals wiskunde, chemie en fysica zijn vaak de moeilijkste vakken.

Beroepsuitwegen

Bachelors in de technologie hebben een zeer complementair profiel.<:p>

Het zijn doeners én denkers. Dit wil zeggen dat ze van aanpakken weten (o.a. via stage-ervaringen) maar in het bedrijf nemen ze vaak ook heel wat verantwoordelijkheid op binnen het productieproces.

Daarnaast komen bachelors terecht in technisch-commerciële functies, onderzoek, overheidsdiensten, onderwijs, enz.

Werken

7% van de leerlingen uit de doorstroomrichting kiezen ervoor om na het 6de jaar te gaan werken en kiezen dus voor de bedrijfswereld. In de doorstroomrichtingen volgen de leerlingen geen stages en krijgen ze een beperkt aantal uren praktijk. Toch hebben veel leerling al ervaringen in bedrijven via vakantiejobs of ze helpen mee in een bedrijf van ouders en familie.

Ze kunnen een beroep doen op hun technische vooropleiding. Zo kunnen de leerlingen bijv. vlot een technische tekening of een schakelschema lezen en aanpassen. Via technische vakken en zeker door de labo-oefeningen zijn deze leerlingen goed getraind in probleemoplossend denken. Dit wordt door bedrijven sterk gewaardeerd en compenseert hun gebrek aan praktijkervaring.

Ervaringen van leerlingen

De leerlingen zeggen dat ze tevreden zijn over de basis die ze meekregen. Op de werkvloer leren ze pas echte vakkennis opbouwen. Sommige leerlingen geven aan dat ze wat praktijk missen en dat hun vooropleiding toch in de eerste plaats is gericht op hoger onderwijs.

Inhoud opleiding

Deze opleidingen zijn allemaal beroepsgericht, maar telkens vanuit een zeer degelijke theoretische basis. Bij aanvang van een bacheloropleiding worden theoretische en ondersteunde vakken gegeven. Naar het einde van de opleiding wordt aan de hand van stages, praktijkopdrachten en eindwerken voorbereid op de specifieke uitoefening van het beroep.

Slaagcijfers

Zes van de 14 leerlingen haalden 60 studiepunten in hun eerste jaar. Twee haalden tussen 30 en 60 studiepunten en waren dus gedeeltelijk geslaagd. Zes leerlingen haalden minder dan 30 studiepunten en slaagden dus niet. Hoewel dit slaagcijfer dicht aansluit bij het Vlaamse gemiddelde is het toch een stuk lager dan het slaagcijfer bij de technische bachelors.

Ervaringen van leerlingen

Deze opleidingen sluiten minder of niet aan op de opleiding in het secundair. Dit betekent dat er volledig nieuwe vakken komen (anatomie, recht, filosofie, didactiek, boekhouden, enz.) Vaak zijn dit vakken waarbij grote hoeveelheden leerstof 'geblokt' moeten worden.

Eén leerling zegt het als volgt: ' Er zijn meer vakken waarbij je vooral moet blokken en waar je minder logisch moet redeneren.' Hierop zijn leerlingen uit de doorstroomrichtingen minder getraind. In een aantal gevallen is er ook een aanpassing aan de studiesfeer binnen bepaalde richtingen. Zo zijn de pedagogische opleidingen traditioneel meer bevolkt door meisjes dan de meer technische opleidingen.

Beroepsuitwegen

Professionele bachelors zijn specifieke opleidingen die vaak leiden tot een bepaald beroep. Voorbeelden zijn leraar, verpleegkundige, maatschappelijk werker, boekhouder, enz. Door zijn grote kennis van zaken wordt de bachelor ingezet in functies met verantwoordelijkheid. De bachelor is meestal verantwoordelijk voor het zelfstandig uitvoeren van opdrachten. In veel functies moet worden samengewerkt en soms moet ook leiding gegeven worden.

Inhoud opleiding

In de opleiding industrieel ingenieur worden verschillende aspecten van de techniek diepgaand doorgrond. De klemtoon van de opleiding ligt op het vertalen van wetenschappen en polyvalente technologie naar oplossingen om complexe technologische systemen te ontwerpen, te ontwikkelen, te analyseren, toe te passen, te sturen. De student maakt gebruik van de nieuwste technologieën.

In de meeste hogescholen krijgen alle studenten bij het begin een zeer algemene opleiding. Deze basisvorming omvat: wiskunde, informatica, chemie, (fluïdum)mechanica, thermodynamica, elektriciteit, elektronica, toegepaste fysica, vormanalyse, sterkteleer ... Deze theoretische vakken krijgen hun toepassingen in diverse laboratoria.

Slaagcijfers

In de doorstroomrichting krijgen de leerlingen 4 uur wiskunde per week. Strikt genomen is dat wat weinig als voorbereiding op een opleiding industrieel ingenieur.

Toch zien we dat ongeveer 4% van de leerlingen uit de doorstroomrichtingen de opleiding industrieel ingenieur start. Hogescholen richten ook meer en meer extra cursussen in voor leerlingen uit een minder sterk wiskundige vooropleiding.

Van de 10 leerlingen die de opleiding startten haalden er vier 60 studiepunten. Twee anderen waren gedeeltelijk geslaagd. Vier leerlingen haalden minder dan 30 studiepunten..

Ervaringen van leerlingen

Bijna alle leerlingen geven aan dat hun voorkennis voor wiskunde en chemie onvoldoende was voor de opleiding industrieel ingenieur. Het vraagt dan ook een grote inspanning en een grote motivatie om deze achterstand weg te werken.

Anderzijds zijn de leerlingen wel tevreden over hun technische voorkennis (elektriciteit, mechanica, elektronica, bouwkunde, enz.).

Hiervoor hebben ze, zeker in vergelijking met leerlingen uit ASO, weer een voorsprong. Opvallend is ook dat sommige leerlingen wel IW volgden tot en met het vierde jaar en pas in de derde graad overstapten naar een doorstroomrichting. Daardoor hebben ze toch een goede basis wiskunde. We willen ook meegeven dat er wellicht een aantal leerlingen zijn die na hun professionele bachelor via een zgn. schakelprogramma een academische bachelor kunnen starten. (meer info over deze schakelprogramma's www.studiekiezer.be of www.hogeronderwijsregister.be )

Beroepsuitwegen

De industrieel ingenieur is onmisbaar in een bedrijf. Industrieel ingenieurs staan in voor ontwikkeling van nieuwe producten, ze coördineren productieprocessen, voeren controles en opvolgingen uit, nemen technisch-commerciële taken op enz.

Uiteraard kunnen industrieel ingenieurs doorgroeien naar leidinggevende functies in bedrijven.

Inhoud opleiding

Naast de opleiding industrieel ingenieur zijn er een aantal andere academische bachelors aan de hogeschool. Bijvoorbeeld: artistieke opleidingen, opleidingen binnen de architectuur, toegepaste talen, kinesitherapie, enz. Deze opleidingen kennen dezelfde structuur als de universitaire opleiding: drie bachelorjaren en één of meer masterjaren. De opleidingen bestaan uit een grondige uitdieping van wetenschap, kunst of taal. Anders dan de universitaire opleiding wordt de focus gelegd op toepasbaarheid.

Slaagcijfers

Vier leerlingen studeerden een niet technologische academische bachelor aan de hogeschool.

Twee slaagden voor alle 60 studiepunten. Eén leerling haalde meer dan 50 studiepunten en is dus op é,én of twee vakken na geslaagd. Eén leerling slaagde niet. Twee leerlingen kozen een muziekopleiding en twee andere volgden de opleiding architectuur.

Ervaringen van leerlingen

Voor architectuur hadden leerling wel een technische vooropleiding maar voor vakken zoals kunstgeschiedenis was er een grote aanpassing.

De leerlingen die een academische bachelor muziek volgden waren uiteraard ook al in hun vrije tijd zeer actief bezig met muziek. Hun vooropleiding was dan ook minder relevant.

Beroepsuitwegen

Zoals al aangegeven zijn deze masters specialisten in hun vakgebied. Met deze vakkennis kunnen ze ingezet worden voor veeleisende functies.

Inhoud opleiding

Een zevende specialisatiejaar is, zoals het woord zegt, een jaar waarin leerlingen verder gespecialiseerd worden in een specifiek domein binnen hun vakgebied.

Daarom kan je niet toegelaten worden tot om het even welk zevende jaar. Zo kan een leerling uit een 6de jaar houttechnieken niet starten in een 7de jaar stuur & beveiligingstechnieken want dat is een 7de jaar binnen het studiegebied mechanica-elektriciteit. En omgekeerd kan een leerling uit EE evenmin starten in een 7de jaar binnen het studiegebied hout. Deze specialisatie is voornamelijk beroepsgericht. Daarom richten de meeste scholen zo'n specialisatiejaar in.

Slaagcijfers

Slechts een klein aantal leerlingen kiest na een doorstroomrichting voor een 7de jaar. De drie leerlingen die dit volgden slaagden allemaal.

Ervaringen van leerlingen

Deze leerlingen waren op zoek naar een meer beroepsgerichte opleiding. Voor hen was een 7de jaar een praktische opleiding die ze volgden in functie van werk.

Beroepsuitwegen

Een 7de jaar biedt leerlingen een verder specialisatie aan en door de stage wordt dit ook in de praktijk toegepast. We stellen vast dat zowel de specialisatie als de stage-ervaring vaak zeer waardevolle troeven zijn op de arbeidsmarkt.